Van toen naar nu: Tim Receveur
Tim Receveur kende een moeizame start bij FC Dordrecht, maar wist dat in zijn tweede seizoen voor de Schapekoppen volledig om te draaien. Inmiddels heeft zijn loopbaan hem naar het Indonesische eiland Bali gebracht, waar hij zijn laatste jaren als profvoetballer beleeft. In een voetbalcultuur waar tanks rond het stadion de normaalste zaak van de wereld zijn, voelt hij zich helemaal op zijn plek en is hij eindelijk weer pijnvrij.
In de rubriek ‘Van toen naar nu’ spreekt FC Dordrecht met oud-spelers die naam maken in het buitenland en halen we herinneringen op aan hun tijd aan de Krommedijk. Deze keer is het de beurt aan Tim Receveur, die een prachtige carrière afsluit bij Persisam Putra Samarinda, beter bekend als Bali United.
De 34-jarige Amersfoorter maakte afgelopen zomer de overstap van Almere City naar Bali United. “Het is echt een heel mooi leven hier,” begint Receveur, die samen met zijn vrouw en twee kinderen is verhuisd naar het tropische eiland. “Nederland lijkt in niets op Indonesië. Hier leven mensen echt op straat en is het verschil tussen rijk en arm enorm.” Als profvoetballer zit Receveur aan de juiste kant van die verdeling. “De levenslast ligt hier natuurlijk een stuk lager en voor Europeanen is het leven hier een stuk luxer. Dat is ook de reden waarom steeds meer Nederlanders hier naartoe gaan.”
Indonesische voetbalcultuur
Ook qua voetbalcultuur zijn de verschillen met Nederland enorm, stelt Receveur. “De mensen zijn hier veel gepassioneerder. Laatst speelde ik tegen Persija Jakarta en zaten er 50.000 mensen op de tribune. Het leeft hier enorm en iedere wedstrijd lijkt een soort Feyenoord – Ajax.” Dat de Klassieker in Nederland beladen is, staat buiten kijf, maar van legerinzet is daar vooralsnog geen sprake geweest. “Je wordt hier met politiebussen en tanks begeleid door een menigte Indonesiërs die allemaal hun middelvinger opsteken”, zegt Receveur met een mengeling van verbazing en fascinatie in zijn stem. “Vorig jaar waren er wedstrijden, bijvoorbeeld tegen Persib Bandung, dat zelfs de spelers met tanks werden vervoerd. Dit seizoen hebben we dat nog niet meegemaakt, maar ze rijden wel standaard naast onze bus.”
Niet alleen op straat leeft voetbal enorm, maar ook op sociale media. De Nederlandse Receveur heeft zelf ruim 6.500 volgers op Instagram, terwijl zijn half-Indonesische ploeggenoot en voormalig Dordtenaar Jens Raven er meer dan 700.000 heeft. “Dat is echt extreem. Word je hier geselecteerd voor het nationale elftal, de O23 of zelfs de O21, dan ontploffen je socials compleet. Indonesiërs zijn daar ontzettend trots op. Die jongens kunnen eigenlijk niet normaal over straat zonder lastiggevallen te worden.”

Moeilijke start
Receveur speelde in 2023 en 2024 anderhalf seizoen voor FC Dordrecht en kwam daarin tot 45 officiële duels. De overstap naar de Krommedijk maakte hij in de slotdagen van de winterse transferwindow met behoorlijk wat tegenzin. “Ik wilde eigenlijk niet weg bij Almere, maar ik had geen keus”, geeft Receveur eerlijk toe. “Dordrecht stond destijds achttiende, maar ik moest ergens tekenen waarbij ik ook een goed contract kon krijgen.”
“Ik wilde betaald voetbal blijven spelen. Michele Santoni was toen de trainer en wilde mij heel graag hebben. Ik heb toen, en dat weet Hans (de Zeeuw, red.) ook, totaal niet met overtuiging getekend. Ik was totaal uit vorm, mijn thuissituatie was slecht en ik sliep bijna niet. In de eerste maanden is de samenwerking dan ook van beide kanten heel erg slecht bevallen. Ik was totaal niet blij met mijn keuze en het was gewoon geen match. Ik wilde eigenlijk stoppen, maar ik heb na een mislukt half jaar mezelf overtuigd er nog wat van te maken.”
Die zomer haalde FC Dordrecht de bezem door de selectie. Michele Santoni bleef trainer, maar veel spelers vertrokken. De Dordtse ploeg startte een samenwerking met de Rotterdamse club Feyenoord en eindigden op de vierde plaats. “We waren bijna rechtstreeks gepromoveerd en dat was ook niet eens onverdiend geweest. Wij speelden dat seizoen gewoon het leukste voetbal van de KKD.”
Het sportieve hoogtepunt was de uitwedstrijd tegen NAC Breda, die de Schapekoppen met 1-4 wonnen. “Toen hebben we Dordrecht echt op de kaart gezet. We speelden ze de tweede helft compleet weg en kregen dat stadion volledig stil, dat was wel echt het moment dat iedereen er rekening mee hield dat wij zouden promoveren. We waren écht beter dan NAC, maar uiteindelijk twee, drie maanden later promoveerden zij alsnog. Eigen schuld, dikke bult, want we hadden het zelf daarvoor al weggegeven.”
Niet alleen tegen NAC waren de Dordtenaren oppermachtig. “De tweede helft van het seizoen wonnen we bijna alles”, vervolgt hij. “Op voorhand wist je ook al wel dat we een talentvolle ploeg hadden, maar achteraf hadden we echt hele goede spelers. Als we met dat team nog een jaar bij elkaar waren gebleven waren we met twee vingers in de neus kampioen geworden.” Al met al is Receveur blij nog een jaar bij FC Dordrecht te zijn gebleven. “Ik ben dat seizoen helemaal opgebloeid. Dat we dat samen zo hebben kunnen omdraaien had ik nooit verwacht.”
Eén van de factoren achter dat succes was een teamuitje in Breda, waarbij Receveur niet al te veel in detail kan treden. “Elk professioneel team kan zoiets heel goed gebruiken”, zegt hij, terwijl hij zich direct tot hoofdtrainer Dirk Kuyt richt. “Ga gewoon een keer, als het uitkomt, een avondje met de hele selectie goed uit, zo leer je elkaar op een andere manier beter kennen.” Volgens Receveur heeft het uitje dat seizoen echt een boost gegeven, waarna de ene drie punten na de andere werden binnen geslepen. “Ik weet zeker dat dat geholpen heeft. We werden vervoerd met de bus en sliepen op de club in legertenten met van die legerbedjes. Er hebben een aantal jongens zich goed misdragen, maar meer kan ik niet zeggen. Dat was echt een geweldige avond”, blikt hij terug.

Onzekerheid
Na zijn periode bij FC Dordrecht viel Receveur naar eigen zeggen in een zwart gat. “Die periode was echt niet leuk. We hadden een geweldig seizoen achter de rug en er waren zelfs clubs die voor mij wilden betalen, maar dat ging allemaal niet door. Uiteindelijk ging ik weg omdat Melvin Boel me er niet bij wilde hebben. Achteraf was dat ook beter, want ik zat met mijn hoofd al ergens anders.”
“Ik dacht dat ik binnen no-time een nieuwe club had, maar dat viel toch even tegen.” Om zijn fitheid op peil te houden trainde Receveur mee bij Ajax. “Uiteindelijk wilde Almere City mij terug, maar ik was niet prioriteit nummer één. Pas toen Almere twee wedstrijden verloor, waaronder met 7-1 van PSV, kwamen ze bij mij terecht.”
Einde carriere in zicht
Receveur is afgelopen zomer 34 jaar geworden en voor de meeste voetballers is dan het einde van hun loopbaan in zicht, toch denkt hij er nog wel een paar jaartjes uit te kunnen persen. “Op dit niveau kan ik nog wel vier jaar door. Sinds ik hier voetbal gaat het me gemakkelijker af, behalve dat het warm is en de velden zwaar zijn. Ook ben ik voor het eerst sinds mijn 23e pijnvrij, dat is echt bijzonder. Ik voel me echt supergoed en dit zijn mijn fitste jaren tot nu toe. Ik sta nu vooral centraal achterin en ik kop nog ballen weg dat ik denk: dat kan ik in de KKD ook nog wel, maar ik doe dat dan liever hier op Bali.”
Uiteindelijk komt er ooit een einde aan zijn carrière, weet ook Receveur. “Ik zou terug naar Almere willen, daar ligt de rode loper voor mij uit. Ik wil mijzelf daar op technisch vlak ontwikkelen en dan in de richting van technisch directeur. Maar ook in Indonesië zie ik veel mooie kansen. Je kan hier heel veel impact maken, omdat hier ten opzichte van Nederland nog veel te winnen valt”, sluit hij af.




















